Literature Review |
|
Corresponding author: Mark de Lat ( mark@transitieatelier.nl ) Academic editor: Barbara Majoor
© 2026 Mark de Lat, Niels van Nieuw Amerongen.
This is an open access article distributed under the terms of the Creative Commons Attribution License (CC BY-NC-ND 4.0), which permits to copy and distribute the article for non-commercial purposes, provided that the article is not altered or modified and the original author and source are credited.
Citation:
de Lat M, van Nieuw Amerongen N (2026) Sensemaking en duurzaamheid bij mkb-accountantskantoren: meer aandacht voor het individuele perspectief. Maandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie 100(1): 29-40. https://doi.org/10.5117/mab.100.169104
|
In dit artikel staat de onderzoeksvraag centraal hoe bestuurders van mkb-accountantskantoren kunnen omgaan met duurzaamheid in de periode na de Omnibusregeling. Belangrijke begrippen in de onderzoeksliteratuur zijn ‘duurzaamheid’ en ‘sensemaking’, waarin zingevingsprocessen en intrinsieke motivatie relevante elementen zijn. Via een integratieve literatuurstudie worden deze begrippen verkend op de gelaagde niveaus van maatschappij, organisatie en individu (macro-, meso- en microniveau). Omdat persoonlijke overtuigingen medebepalend zijn voor duurzaamheidsstrategieën van mkb-accountantskantoren, pleiten wij voor meer aandacht voor het individuele perspectief.
Sensemaking, duurzaamheid, mkb-accountantskantoren, intrinsieke motivatie, strategie
De praktische relevantie van dit artikel ligt in het bieden van inzichten uit de onderzoeksliteratuur aan mkb-accountants, die kunnen bijdragen aan een robuuste onderbouwing van de duurzaamheidsstrategie van het mkb-accountantskantoor. Oók als de businesscase wegvalt, zoals in de situatie waarin de wettelijke verplichting voor duurzaamheidsrapportering sterk wordt gereduceerd. Bestuurders van mkb-accountantskantoren die intrinsiek gemotiveerd zijn om bij te dragen aan duurzaamheid zijn naar verwachting beter in staat om hun medewerkers en cliënten te overtuigen van de waarde van duurzaamheid.
Zowel beroepsorganisaties voor accountants (
Het inhoud geven aan deze verantwoordelijkheid en aan het strategisch belang van duurzaamheid vraagt om een expliciete duurzaamheidstransitie van het mkb in het algemeen (
De recente Omnibusregeling (NBA 2025) vormt een nieuwe trigger voor de wijze waarop mkb-accountantskantoren inhoud geven aan duurzaamheidsdienstverlening. Deze dienstverlening is niet uitsluitend gebaseerd op een wijziging in relevante regelgeving. Bestuurders van accountantskantoren kunnen met duurzaamheidsdienstverlening ook inhoud geven aan hun rolopvatting vanuit maatschappelijk opzicht. Deze rolopvatting is sinds het ontstaan van het accountantsberoep eind 19e eeuw relevant. Hierbij kan worden gedacht aan de vertrouwensleer van Limperg (
Met de recent verschenen Omnibusregeling valt voor een groot deel van het bedrijfsleven de wettelijke grondslag weg om werk te maken van duurzaamheid. Verschillende bestuurders van mkb-accountantskantoren zien zich nu geplaatst voor de vraag óf – en zo ja, hoe – zij verder gaan met hun duurzaamheidsdienstverlening. De wijzigingen in de wettelijke grondslag voor CSRD-assurance door mkb-accountants maken het nog pregnanter vanuit welke intrinsieke motivatie mkb-accountants duurzaamheidsdienstverlening ontwikkelen en aanbieden. Onderdeel van de intrinsieke motivatie zijn de drijfveren van mkb-accountants, met inbegrip van het zingevingsperspectief (in de Engelstalige literatuur ‘sensemaking’ genoemd). Dit is een interessant vraagstuk, omdat vanuit de onderzoeksliteratuur bekend is dat mkb-ondernemingen van hun accountant een rol verwachten die verder gaat dan het samenstellen c.q. controleren van de jaarrekening (
Het onderzoeksgebied duurzaamheid – in het bijzonder met betrekking tot mkb-ondernemingen en mkb-accountantskantoren – staat in de kinderschoenen. In deze fase is vooral begripsvorming van groot belang. Daarom richten we ons in dit artikel op wat de begrippen duurzaamheid en sensemaking inhouden en werken we deze uit op basis van een literatuursynthese.
We verwachten dat deze literatuursynthese bijdraagt aan de literatuur op het gebied van duurzaamheid en sensemaking en de rol van de mkb-accountant, en dat deze daarmee een basis vormt voor verder onderzoek naar de aard van de motivatie van beleidsbepalers van accountantskantoren en individuele accountants die zich in het duurzaamheidsdomein begeven. Aanvullend is deze literatuursynthese naar verwachting behulpzaam voor mkb-accountantskantoren die in de praktijk richting willen geven aan de strategie. Het helpt hen mogelijk om hun cliënten vanuit het zingevingsperspectief te overtuigen van het belang van duurzaamheid en de bijdrage die mkb-ondernemingen hieraan kunnen leveren. In die zin kunnen de dominee (motivatie, zingeving) en de koopman (businesscase) samen komen en kunnen mkb-accountants en mkb-ondernemingen bijdragen aan een duurzamere wereld.
Het vervolg van deze literatuurstudie kent de volgende opzet. In paragraaf 2 leiden we de begrippen duurzaamheid en sensemaking in, waarna in paragraaf 3 de opzet van de uitgevoerde literatuurstudie wordt toegelicht. In paragraaf 4 volgt de literatuursynthese van de begrippen duurzaamheid en sensemaking. Het artikel sluit af met conclusies.
In deze paragraaf worden de begrippen duurzaamheid
Het begrip duurzaamheid (sustainability) komt in tal van definities terug. De Brundtland-definitie wordt wel de moeder van de duurzaamheidsbegrippen genoemd: “Sustainable development is development that meets the needs of the present without compromising the ability of future generations to meet their own needs” (
Ook poppen de begrippen ‘corporate social responsibility’ (
In deze definities worden de actoren expliciet gemaakt die invloed kunnen uitoefenen op duurzaamheid. Dit blijkt ook uit de definitie van CSR waarin Basu en Palazzo de rol van de manager benoemen: “…the process by which managers within an organization think about and discuss relationships with stakeholders as well as their roles in relation to the common good, along with their behavioral disposition with respect to the fulfillment and achievement of these roles and relationships” (2008, p. 124).
De Brundlandt-definitie richt zich op het maatschappelijk niveau, terwijl de definitie van
Daarnaast zijn er vergelijkbare begrippen zoals businessethiek, ‘Triple bottom-line’ (
Sensemaking kent zijn oorsprong in het onderzoeken van crises (
In de doorontwikkeling van het Weickiaanse gedachtegoed is een gelaagdheid zichtbaar.
Daarbij lijken zij voorbij te gaan aan het expliciet maken van het mentale model van betrokken managers, wat geen recht doet aan de kern van sensemaking.
Het valt op dat de abstractieniveaus door elkaar worden gebruikt. Een voorbeeld hiervan is het vaker toegepaste model van
Daarnaast speelt een principiële discussie rondom het begrip sensemaking, namelijk de vraag of sensemaking een theorie is of een perspectief.
Een ander vraagstuk is of sensemaking en sensegiving als separate begrippen moeten worden gehanteerd.
Er is ook kritiek op het Weickiaanse sensemakingbegrip. Uit de literatuurstudie van
Naast het gegeven dat de beide begrippen in hun definitie de nodige verschillen kennen, maakt de gelaagdheid van zowel sensemaking als duurzaamheid een scherpe duiding lastiger. Hierna wordt de uitvoering van de integratieve literatuurstudie toegelicht, waarna de begrippen worden geïntegreerd aan de hand van de gelaagdheid ervan.
Literatuurstudies worden gezien als een methode om bestaande kennis rondom een onderzoeksonderwerp in beeld te brengen. Er zijn verschillende typen literatuurstudies met elk een eigen doelstelling en karakteristiek (Aguinis et al. 2020;
In deze integratieve literatuurstudie wordt een synthese van bestaande literatuur uitgewerkt met als doel nieuwe inzichten te genereren (
Het verkennen van begrippen startte met een zoektocht in de EBSCO-literatuurdatabase. Startpositie vormde de zoekstring ‘sensemaking AND csr or corporate social responsibility or sustainability or social responsibility’. Deze zoekopdracht leidde tot 1.078 hits. Filtering van deze 1.078 hits op ‘peer reviewed’ en Engelstalige artikelen uit academische tijdschriften reduceert de brutolijst van artikelen tot 288 artikelen, die in de periode 2003 tot en met 2024 werden gepubliceerd.
Uit deze 288 artikelen zijn alleen díe artikelen geselecteerd waarvan het tijdschrift minimaal 3 sterren heeft volgens de Academic Journal Guide 2024. Daarna zijn de samenvattingen van deze artikelen doorgenomen en heeft een verdere selectie plaatsgevonden. Vervolgens zijn artikelen uit de selectie gelaten, omdat deze artikelen zich specifiek richten op de omstandigheden in ziekenhuizen ten aanzien van COVID. Ook zijn artikelen ontdubbeld. De uiteindelijke set resulteert daarmee in 102 artikelen, die in de scope van de integratieve literatuurstudie zijn bestudeerd.
In Figuur
Aantal gepubliceerde artikelen in gerenommeerde academische tijdschriften over duurzaamheid en sensemaking.
Opvallend is dat in het ‘Journal of Business Ethics’ een relatief groot aantal artikelen over duurzaamheid en sensemaking is gepubliceerd (35 van de circa 100). Gezien de focus van dit tijdschrift, ethiek in bedrijven, is het logisch verklaarbaar dat veel aandacht wordt besteed aan het fundamentele thema sensemaking.
Om een topdownperspectief te krijgen op het geheel van de geselecteerde artikelen, is focus aangebracht door een top-10 samen te stellen op basis van de meeste citaties volgens Google Scholar.
Sensemaking en duurzaamheid kunnen beide worden aangeduid als diffuse begrippen, waarbij eveneens een gelaagdheid aan de orde is. Een gelaagdheid die door
| Titel | Google-citaties | Auteur(s) | Tijdschrift | Jaar |
|---|---|---|---|---|
| Corporate social responsibility communication: Stakeholder information, response and involvement strategies | 2800 | Morsing and Schultz | Business Ethics: A European Review | 2006 |
| Corporate social responsibility: A process model of sensemaking | 2297 | Basu and Palazzo | The Academy of Management Review | 2008 |
| Cognitive frames in corporate sustainability: Managerial sensemaking with paradoxical and business case frames | 1239 | Hahn et al. | Academy of Management Review | 2014 |
| On corporate social responsibility, sensemaking, and the search for meaningfulness through work. | 892 | Aguinis and Glavas | Journal of Management | 2017 |
| Sensemaking and Sustainable Practicing: Functional Affordances of Information Systems in Green Transformations | 725 | Seidel et al. | MIS Quarterly | 2013 |
| Leadership for Sustainability: An Evolution of Leadership Ability | 720 | Metcalf and Benn | Journal of Business Ethics | 2012 |
| Managing for Political Corporate Social Responsibility: New Challenges and Directions for PCSR 2.0. | 605 | Scherer et al. | Journal of Management Studies | 2016 |
| Feeling Good by Doing Good: Employee CSR-Induced Attributions, Job Satisfaction, and the Role of Charismatic Leadership | 596 | Vlachos et al. | Journal of Business Ethics | 2013 |
| A burden of responsibility: The role of social approval at the onset of a crisis | 576 | Bundy and Pfarrer | The Academy of Management Review | 2014 |
| Small-business owner-managers’ perceptions of business ethics and CSR-related concepts | 551 | Fassin et al. | Journal of Business Ethics | 2010 |
Op macroniveau wordt duurzaamheid vanuit zowel een outside-in- als vanuit een inside-out-wijze beschouwd. Hierbij komen op basis van de uitgevoerde literatuurstudie een viertal dimensies naar voren, te weten: de dimensies natuur & ecologie, politiek & wetgeving, de stakeholderdimensie en governance.
Een voorbeeld van een outside-in-wijze van benaderen betreft ‘ecological sensemaking’ (
Een andere invalshoek op macroniveau is wat ‘political CSR’ wordt genoemd. Vanuit ‘political CSR’ wordt gekeken naar de manier waarop organisaties bijdragen aan de publieke zaak. Hiermee wordt de aloude scheiding tussen economie en politiek doorbroken (
De invalshoek stakeholders is tweeledig. Vanuit macroniveau gaat het om stakeholders die invloed uitoefenen op de organisatie, daar waar het op het mesoniveau gaat om de invloed die de organisatie uitoefent op haar stakeholders.
Vanuit de invalshoek governance wordt primair de impact van wet- en regelgeving op de organisatie beschouwd (
Via zowel ‘ecological sensemaking, ‘political CSR’ als vanuit het stakeholderperspectief en het governancebegrip staat de interactie van organisaties met de buitenwereld centraal (
Op mesoniveau is het artikel van
Vanuit de cognitieve dimensie is de identiteit en legitimiteit van de organisatie het vertrekpunt. Vanuit identiteit worden drie oriëntaties beschreven, te weten: een individualistische oriëntatie, een relationele oriëntatie en een oriëntatie op het collectief.
Identiteit
De cognitieve dimensie wordt aan de organisatie gekoppeld, maar de identiteit van een organisatie is gegrond in de identiteit en achtergrond van individuen. Dit proces van individuele ‘meaning creation’ wordt beïnvloed door de identiteit van de organisatie, de context van de verandering en de communicatie over de zin van duurzaamheid (
Legitimiteit
Bij de cognitieve dimensie gaat het ook om de legitimiteit van de organisatie. Hierbij worden drie benaderingen genoemd: de pragmatische, cognitieve en morele benadering. De pragmatische benadering gaat uit van de mate waarin de organisatie in staat is om legitimiteit te ontlenen aan het overtuigen van stakeholders dat er juist wordt gehandeld. De cognitieve benadering draait om het voldoen aan de verwachtingen van de buitenwereld en om daar – indien nodig – het duurzaamheidsbeleid op aan te passen. Bij de morele benadering gaat de organisatie uit van haar morele kompas, in afstemming op de wensen en behoeften van stakeholders.
Bij legitimiteit kan er een verschil bestaan tussen de legitimiteit op het niveau van het proces versus de legitimiteit van het product (
Vanuit de communicatieve dimensie wordt gekeken naar de wijze waarop de organisatie haar duurzaamheidsbeleid rechtvaardigt richting stakeholders, waarbij onderscheid wordt gemaakt naar wettelijke, wetenschappelijke, economische en ethische rechtvaardiging.
Vanuit dit organisatorische perspectief komen verschillende invalshoeken naar voren, waarop organisaties stakeholders beïnvloeden. Een eerste invalshoek is bijvoorbeeld door klanten te betrekken bij vrijwilligersprogramma’s. Daarbij laat de casestudie van
Een tweede invalshoek blijkt uit onderzoek (
Een derde invalshoek die uit onderzoek naar voren komt, is de wijze waarop enerzijds stakeholders invloed uitoefen op organisaties en anderzijds organisaties invloed uitoefenen op stakeholders met gerichte communicatiestrategieën (
Samenvattend gaat het om de mate waarin de communicatie naar de buitenwereld een gebalanceerde dan wel bevooroordeelde vorm van communicatie is. Bij een gebalanceerde vorm van communicatie worden zowel kansen, bedreigingen als dilemma’s gecommuniceerd, terwijl bij de bevooroordeelde vorm alleen de positieve informatie naar buiten wordt gebracht.
En tot slot de derde, conatieve dimensie waarbij de houding van de organisatie naar de buitenwereld, de strategische consistentie en het commitment van de organisatie centraal staan.
Bij de houding naar de buitenwereld gaat om de vraag of de organisatie een defensieve, tentatieve of open houding aanneemt in situaties van kritiek. Bij de strategische consistentie gaat het om de vraag of duurzaamheid logisch is ingebed in de strategie van de organisatie versus dat er sprake is van strategische inconsistentie. Met de aanvullende vraag of de strategie intern (in)consistent is doorgevoerd. Kijkend naar commitment wordt een instrumenteel commitment versus een normatief commitment onderscheiden. Instrumenteel commitment komt voort uit externe factoren zoals wet- en regelgeving, daar waar normatief commitment zijn oorsprong vindt in morele overwegingen.
Het is bij de strategie de vraag in hoeverre het thema duurzaamheid een rol speelt, of dat de heersende overtuiging is dat de kern van een bedrijf het maken van winst is, ook al gaat dit ten koste van de natuur (
Uit ander onderzoek blijkt dat het doorbreken van de duurzaamheidsparadox zowel een gedeelde visie op duurzaamheid als een managementcontrol vereist waarin duurzaamheid integraal is opgenomen (
De cognitieve, communicatieve en conatieve dimensies vormen samen het zogenoemde duurzaamheidskarakter van de organisatie. Een kritische kanttekening bij deze benadering is dat de organisatie menselijke – en daarmee individuele – handelingsperspectieven worden toegedicht: “Understanding what a firm thinks, says, and tends to do in relation to others (i.e., its sense-making process) is likely to strengthen CSR-analysis” (
De uitgevoerde literatuurstudie laat zien dat er op het microniveau kan worden gekeken naar de rol die het individu vervult of vanuit het mentale model dat het individu hanteert.
Vanuit dit individuele perspectief komen drie dominante rollen naar voren, namelijk de rol van medewerker, de rol van leidinggevende en de rol van de staf.
Uitgaande van de individuele medewerker presenteren
Vanuit de redenering die
Vanuit de rol van de staf is onder andere onderzoek beschikbaar naar de rol van de Human Resources-professional (
De rol van de leidinggevende – en specifiek de rol van de topmanager – is cruciaal in de organisatie. De wijze waarop strategieën worden geïmplementeerd wordt in sterke mate bepaald door het topmanagement en de mentale modellen die zij hanteren (
Kijken we naar de rol ‘leidinggevende’, dan richten bijvoorbeeld
Het uitgaan van mentale modellen zien we in verschillende artikelen terug.
Hierbij is het van belang te constateren dat de overgang van individuele naar collectieve sensemaking een kleine stap is en er dan sprake is van zogenoemde sensemaking- en sensegivingcycli die op elkaar inwerken (
In verschillende artikelen komt daarbij de vraag aan de orde welk type leiderschap duurzaamheid binnen organisaties positief beïnvloedt (Waldman and Siegel 2008;
De implementatie van duurzaamheid wordt in de literatuur als ‘black box’ aangemerkt (
Uitgaande van voorliggende literatuurstudie is het wenselijk gericht onderzoek te doen naar sensemaking op individueel niveau. Een perspectief dat vooralsnog onderbelicht is gebleven (
Dit perspectief start bij het in beeld brengen van het mentale model van de CEO om vervolgens het proces van sensemaking en sensegiving bloot te kunnen leggen, en om te kunnen vaststellen op welke wijze de geduide niveaus (macro, meso en micro) met dit proces interacteren.
Het is relevant vast te stellen dat ‘verhalen’ een instrument zijn voor individuen om het proces van sensemaking vorm te geven (
Drs. M.B.J. de Lat – Mark is onderzoeker bij het lectoraat Business Models van de Hogeschool Saxion, doet promotieonderzoek naar ‘sensemaking & sustainability’ aan de Nyenrode Business Universiteit, is als opinieleider en strateeg verbonden aan Eshuis Accountants en Adviseurs en werkt als strategie- en teamcoach voor directies en managementteams vanuit zijn eigen praktijk, het transitie/Atelier.
Prof. dr. C.M. van Nieuw Amerongen RA – Niels is directeur-eigenaar van training- en adviesbureau V&A en PIA Group hoogleraar MKB Accountancy aan Nyenrode Business Universiteit.
In dit artikel wordt het woord duurzaamheid gebruikt als algemene duiding. Daar waar een specifieke omschrijving van duurzaamheid aan de orde is, wordt deze expliciet gemaakt.