Print
Klimaatgerelateerde informatie in het jaarverslag
expand article infoNancy Kamp-Roelands, Hugo Van den Ende§, Martijn De Jong
‡ EY, Rotterdam, Netherlands
§ PwC, Amsterdam, Netherlands
Open Access

Samenvatting

Klimaatverandering heeft een steeds grotere impact op onze maatschappij. Ook de financiële gevolgen worden steeds zichtbaarder. De Europese commissie heeft daarom als aanvulling op de richtlijn niet-financiële informatie in juli 2019 meer gedetailleerde aanbevelingen gepubliceerd voor klimaatgerelateerde informatie in de verantwoording door ondernemingen. Dit onderzoek, onder AEX- en AMX-ondernemingen, toont aan dat ondernemingen in het bestuursverslag met name transparant zijn over operationele aspecten van klimaat in de bedrijfsvoering. Informatie over meer strategische aspecten, inbedding in remuneratie en risicomanagement kan verder worden verbeterd. Als we de onderzochte ondernemingen analyseren naar omvang in omzet, dan zijn de grotere ondernemingen in het algemeen transparanter dan de kleinere ondernemingen. De grotere ondernemingen verstrekken meer detailinformatie over de relevante onderwerpen over klimaat dan de kleinere ondernemingen.

Trefwoorden

jaarverslag, niet-financiële verslaggeving, klimaat, governance, risk management, remuneratie

Relevantie voor de praktijk

De urgentie van klimaatmaatregelen en de toenemende financiële impact maken dat informatie over klimaat belangrijker wordt voor besluitvorming door zowel de onderneming, investeerders als overige belanghebbenden (Kamp-Roelands and Willems 2018). Dit artikel geeft gedetailleerd inzicht in de transparantie over klimaat in de jaarverslaggeving van AEX- en AMX-ondernemingen en toont aan waar dit verder verbeterd kan worden. Waar relevant is een verdere analyse gemaakt naar verschillen tussen AEX- en AMX-ondernemingen, op basis van de hoogte van de omzet of de verschillende typen ondernemingen.

1. Inleiding

Klimaatverandering wordt meer zichtbaar. De urgentie om actie te nemen is hoog. Het Global Risk Report van het World Economic Forum (2019) ziet klimaatverandering als een van de grootste risico’s voor de komende periode. Al eerder had de World Business Council (2010) in haar Vision 2050 voor de meest relevante sectoren in kaart gebracht welke innovaties nodig zijn. Als er niet tijdig actie wordt ondernomen dan zijn de effecten onomkeerbaar. In 2015 is in Parijs een klimaatakkoord getekend door 174 landen. Met het ondertekenen is als doel gesteld om op mondiaal niveau de klimaatopwarming te beperken tot maximaal 2 graden Celsius ten opzichte van het pre-industriële niveau. Dit ambitieniveau komt ook terug in het binnen de Verenigde Naties (VN) afgesproken Sustainable Development Goal (SDG) nummer 13, “Take urgent action to combat climate change and its impacts”. Dit doel kan alleen gehaald worden via gezamenlijke actie van overheden en bedrijfsleven. Ook voor investeerders wordt klimaatinformatie belangrijker (EY 2018). In hun bestuursverslag leggen ondernemingen verantwoording af over de strategie, het beleid en prestaties. Voor ondernemingen ontstaan er zowel risico’s als kansen als gevolg van klimaatverandering. Informatie hierover die relevant is voor investeerders en andere belanghebbenden wordt opgenomen in de jaarverslaggeving. Dit gebeurde deels al op vrijwillige basis. De recente implementatie van de Europese richtlijn niet-financiële informatie (NFI) (EC 2014) en aanvullende richtlijnen voor klimaatgerelateerde informatie moet transparantie (EC 2019a, 2019b) niet alleen verhogen, maar ook de structuur en daarmee de vergelijkbaarheid verbeteren. In dit artikel wordt bekeken in hoeverre ondernemingen al klimaatgerelateerde informatie opnemen in hun bestuursverslag. Daarbij is in het bijzonder gekeken naar de vrijwillige aanbevelingen die bij de EU-NFI Directive (EC 2014) horen, de aanvullende vrijwillige EU- aanbevelingen met betrekking tot klimaatgerelateerde informatie (EC 2019b) en de richtlijnen vanuit de Task Force Climate Related Disclosures van de Financial Stability Board (FSB 2017).

Paragraaf 2 bespreekt de relevante ontwikkelingen in wet- en regelgeving. Paragraaf 3 bespreekt de resultaten van het onderzoek naar de transparantie van 50 ondernemingen (25 AEX-ondernemingen en 25 AMX-ondernemingen). Daarbij wordt, waar relevant, een verdere analyse gemaakt naar verschillen tussen AEX- en AMX-ondernemingen, op basis van de hoogte van de omzet en tussen verschillende typen ondernemingen. We hebben meerdere analyses gemaakt. Er is een keuze gemaakt om de meest uitgesproken Tabellen op te nemen. Voor de meeste onderdelen is dit de indeling naar omzet, voor remuneratie en risicomanagement heeft dit geleid tot de Tabelindeling naar AEX en AMX. Ook wordt bij verschillende onderdelen inzicht gegeven in ‘good practices’. Het artikel eindigt met een slotbeschouwing in paragraaf 5.

2. Wet- en regelgeving

2.1 Niet-financiële informatie

Eind 2014 is de EU-richtlijn (2014/95/EU) met betrekking tot de bekendmaking van niet-financiële informatie en informatie inzake diversiteit gepubliceerd. Europese lidstaten hebben twee jaar de tijd gekregen om de EU-richtlijn te verwerken in de landelijke wetgeving. Eind 2016 heeft deze omzetting naar de Nederlandse wetgeving plaatsgevonden. De omzetting van de richtlijnen heeft geresulteerd in twee nieuwe besluiten: “bekendmaking niet-financiële informatie” en “bekendmaking diversiteitsbeleid”. Deze besluiten zijn in de Nederlandse wetgeving verankerd in artikel 391 lid 5 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

Het Besluit verplicht ondernemingen om met ingang van het boekjaar 2017 in het bestuursverslag te rapporteren over hun beleid, risico’s en prestaties inzake milieu, sociale en personeelsaangelegenheden, eerbiediging van mensenrechten en bestrijding van corruptie en omkoping. Klimaatgerelateerde informatie kan geschaard worden onder de categorie milieu. Volgens de EU-richtlijn is klimaatgerelateerde informatie relevant als er risico’s zijn voor de financiële prestaties van de onderneming als gevolg van klimaatverandering en anderzijds als vanuit de activiteiten van de onderneming (of de keten) er een risico is op een negatieve impact op het klimaat. Relevantie wordt dus bezien vanuit twee perspectieven.

De nieuwe regelgeving is van toepassing op organisaties van openbaar belang (OOB’s)1 met meer dan 500 werknemers.

In relatie tot deze thema’s moet er concreet inzicht worden gegeven in:

  • het gevoerde beleid (indien aanwezig, inclusief toegepaste
  • zorgvuldigheidsprocedures);
  • de resultaten van het gevoerde beleid;
  • de voornaamste risico’s en beheersing van deze risico’s;
  • niet-financiële prestatie-indicatoren.

2.2 Nieuwe aanbevelingen Europese Commissie voor klimaatgerelateerde informatie

De informatie over klimaatgerelateerde informatie is de afgelopen jaren verbeterd. Er zijn echter nog steeds aanzienlijke hiaten. Volgens de Europese Commissie zijn derhalve verdere verbeteringen in de kwantiteit, kwaliteit en vergelijkbaarheid van toelichtingen vereist om aan de behoeften van beleggers en andere stakeholders te voldoen (EC 2019a).

Het Actieplan voor de financiering van duurzame groei, gepubliceerd door de Europese Commissie in maart 2018 (EC 2018) is een stimulans voor meer transparantie op het gebied van klimaat. Het Actieplan heeft als doel dat kapitaal wordt gealloceerd naar duurzame investeringen, dat financiële risico’s die voortvloeien uit klimaatverandering en andere milieu- en sociale problemen beter worden beheerst en dat transparantie en langetermijndenken bij financiële en economische activiteiten worden bevorderd. In lijn met dit Actieplan, heeft de Europese Commissie in juni 2019 nieuwe aanbevelingen gepubliceerd met betrekking tot het rapporteren over klimaat in de jaarlijkse verantwoording door ondernemingen (EC 2019b). Deze aanbevelingen zijn op vrijwillige basis en zijn erop gericht om ondernemingen praktische aanbevelingen te geven over hoe ze de impact van hun activiteiten op het klimaat en de impact van klimaatverandering op hun onderneming beter kunnen rapporteren. De motivering van de Europese Commissie is dat als deze informatie niet voldoende betrouwbaar en vergelijkbaar is, investeerders niet op een efficiënte wijze kapitaal kunnen alloceren naar beleggingen die erop gericht zijn oplossingen te bieden voor klimaatproblemen waar we op stuiten.

Deze nieuwe versie van EU-aanbevelingen integreert zoveel mogelijk de eerder gepubliceerde Task Force on Climate-related Financial Disclosures (TCFD)-aanbevelingen van de Financial Stability Board van de G20. In juni 2017 heeft de TCFD aanbevelingen gepubliceerd om informatie te verstrekken over klimaatgerelateerde risico’s en kansen. De aanbevelingen zijn niet alleen van toepassing op financiële instellingen, maar ook op overige ondernemingen.

De risico’s van klimaatverandering voor de financiële prestaties van de onderneming kunnen worden geclassificeerd als fysieke risico’s en transitierisico’s. Transitierisico’s zijn risico’s voor de onderneming die voortvloeien uit de overgang naar een koolstofarme en klimaatbestendige economie.

Over het algemeen zal een onderneming met een hogere negatieve impact op het klimaat meer zijn blootgesteld aan deze transitierisico’s. Fysieke risico’s zijn risico’s voor de onderneming die voortvloeien uit de fysieke effecten van klimaatverandering. Informatie die opgenomen wordt over klimaatrisico’s betreft zowel de risico’s van negatieve gevolgen voor de onderneming (transitierisico’s en fysieke risico’s) als ook de risico’s van negatieve effecten op het klimaat. Negatieve effecten op het klimaat kunnen het gevolg zijn van de eigen activiteiten van de onderneming en ze kunnen in de hele waardeketen plaatsvinden, zowel stroomopwaarts in de toeleveringsketen als stroomafwaarts.

Waar zich risico’s voortdoen ontstaan in veel gevallen ook kansen. Klimaatrisico’s kunnen in kansen worden omgezet wanneer ondernemingen producten en diensten aanbieden die bijdragen aan klimaataanpassing of klimaatmitigatie. Met klimaataanpassing wordt bedoeld dat door een onderneming wordt geanticipeerd op klimaatverandering en dat er de nodige maatregelen worden getroffen. Dit kan zakelijke kansen met zich meebrengen zoals nieuwe technologieën om schaarse waterbronnen efficiënter te gebruiken of het aanleggen van nieuwe waterkeringen.

Het besluit niet-financiële informatie en de aanvullende aanbevelingen voor klimaatgerelateerde informatie van de EC (2019b) sluiten grotendeels aan bij de TCFD-aanbevelingen. Figuur 1 laat dit in detail zien.

Figuur 1.

Vergelijking van vereisten richtlijn niet-financiële rapportage met TCFD-aanbevelingen inzake rapportage (bron: EC 2019b).

3. Resultaten van het onderzoek

3.1 Onderzoekspopulatie

Voor het onderzoek zijn de bestuursverslagen van 50 ondernemingen onderzocht die voor het jaar 2018 genoteerd stonden in de AEX (25) en AMX (25). In de Bijlage 1 is een overzicht van de onderzochte ondernemingen opgenomen.

De indeling naar AEX en AMX wordt bepaald door de grootte van de marktkapitalisatie, de waarde van de aandelen volgens de beurskoers. Omdat voor klimaatinformatie de relevantie wordt bepaald door zowel de impact op de onderneming als de impact van de onderneming op de maatschappij hebben wij gezocht naar een aanvullende classificatie. Hierbij is omzet genomen als indicator voor de omvang van activiteiten en de potentiële impact op de maatschappij. Hoewel CO2 in theorie een betere indicator voor de klimaatimpact is, kan deze indicator voor onze classificatie niet worden gehanteerd, omdat ondernemingen over een verschillende reikwijdte (onderneming en onderneming plus keten) rapporteren. Daarom is de CO2-informatie niet vergelijkbaar (zie ook de onderzoeksresultaten). Er is een indeling gemaakt naar drie categorieën omzet, zie Tabel 1. Er zijn 13 ondernemingen met minder dan EUR 1 miljard omzet (in het vervolg van dit artikel kleine ondernemingen in dit onderzoek), 25 ondernemingen met een omzet tussen EUR 1 miljard en EUR 10 miljard (in het vervolg van dit artikel middelgrote ondernemingen in dit onderzoek) en 12 ondernemingen met een omzet meer dan EUR 10 miljard (in het vervolg van dit artikel grote ondernemingen in dit onderzoek).

Onderzoekspopulatie ingedeeld naar omzet.

Omzet Aantal
1. Klein (≤ 1 miljard euro) 13
2. Middelgroot (> 1 miljard en < 10 miljard euro) 25
3. Groot (≥ 10 miljard euro) 12
Totaal 50

Voor wat betreft de informatie zelf hebben wij het bestuursverslag als uitgangspunt genomen. Als hierin verwezen wordt naar meer gedetailleerdere informatie dan hebben wij dat meegenomen in onze analyse.

3.2 Impact van klimaat op de strategie, het beleid en doelstellingen

In Tabel 2 wordt een overzicht gepresenteerd van gegevensverstrekking inzake strategie, beleid en doelstellingen ten aanzien van klimaat.

Strategie, beleid en doelstellingen op klimaatgebied.

Omschrijving (omzetbedragen in EUR) Omzet < 1 miljard Omzet >1 miljard, <10 miljard Omzet >10 miljard Totaal
Aantal % Aantal % Aantal % Aantal %
Strategie
Wel informatie 6 47% 17 68% 11 92% 34 68%
Korte omschrijving 4 31% 5 20% 0 0% 9 18%
Uitleg (motivatie) 1 8% 3 12% 5 42% 9 18%
Doorvertaling naar deelgebieden 1 8% 9 36% 6 50% 16 32%
Geen informatie 7 53% 8 32% 1 8% 16 32%
Beleid
Wel informatie 10 77% 21 84% 12 100% 43 86%
Korte omschrijving 5 39% 3 12% 2 17% 10 20%
Plus acties en programma’s 2 15% 8 32% 4 33% 14 28%
Plus tijdpad en indicatoren 3 23% 10 40% 6 50% 19 38%
Geen informatie 3 23% 4 16% 0 0% 7 14%
Doelstellingen
Wel informatie 5 39% 20 80% 12 100% 37 74%
In de vorm van acties 0 0% 4 16% 1 8% 5 10%
Kwantitatief d.m.v. indicatoren en tijdpad 4 31% 9 36% 2 17% 15 30%
Toelichting op doelstellingen 1 8% 7 28% 9 75% 17 34%
Geen informatie 8 61% 5 20% 0 0% 13 26%

3.2.1 Koppeling strategie en klimaat

Uit het onderzoek blijkt dat 68% van de ondernemingen in hun strategie aandacht besteedt aan klimaat(doelstellingen). De helft van alle ondernemingen (50%) motiveert waarom klimaat een onderdeel is van de strategie of heeft daarnaast nog een koppeling gemaakt met onderliggende deelgebieden zoals de supply chain, terwijl de overige 18% uitsluitend een korte omschrijving geeft.

Als we verder detailleren naar omzet dan heeft 92% van alle grote ondernemingen een koppeling gemaakt tussen strategie en klimaat, in meer of mindere mate (omschrijving, motivatie en / of koppeling). Een good practice van een dergelijke grote onderneming is Arcadis, die in haar strategie ook kansen ziet die uit de klimaatverandering voortvloeien.

Middelgrote ondernemingen besteden in hun strategie regelmatig aandacht aan klimaat (68%) waarbij in 20% van de gevallen alleen een korte omschrijving wordt gegeven, en in 48% een nadere uitleg of een doorvertaling naar deelgebieden. Daarmee resteert 32% van de middelgrote ondernemingen zonder enige koppeling tussen strategie en klimaat. Bij kleine ondernemingen is die koppeling nog vaker niet aanwezig (53%). En als die koppeling met klimaat er wel is beperkt zich die vaak tot een korte omschrijving (31%).

Als er tenslotte wordt gekeken naar het onderscheid tussen AEX en AMX (Tabel niet opgenomen) valt op dat 84% van de AEX-fondsen strategie heeeft gekoppeld aan klimaat (wederom, in meer of mindere mate), terwijl dat bij de AMX-fondsen 52% is.

Good practice vermelding van kansen die uit klimaatverandering voortkomen. Arcadis, Annual integrated report 2018, p. 7. https://www.arcadis.com/en/global/investors/

Our ‘Creating a Sustainable Future’ strategy sets clear focus on long-term value creation. Our strategy is based on three pillars: People & Culture, Innovation & Growth, and Focus & Performance. Global trends like climate change, sustainable industries and expanding cities are creating opportunities for Arcadis.

Onderzoek van De Waard et al. (2019) voor het Planbureau voor de Leefomgeving laat soortgelijke resultaten zien. Van de populatie van 74 beursfondsen heeft bijna 60% informatie opgenomen over de relatie tussen strategie en klimaat en de kansen die voortvloeien uit klimaatverandering. Hierbij is het bestuursverslag 2017 en 2016 onderzocht.

Beleid is nauw verbonden aan strategie, een onderneming geeft daarmee aan hoe (welke richting) en waarmee (welke middelen) de gestelde strategische doelstellingen gerealiseerd kunnen worden. Van alle ondernemingen geeft 20% uitsluitend een korte omschrijving van het beleid. In totaal 66% van de ondernemingen had daarnaast aandacht voor actieprogramma’s, al dan niet aangevuld met tijdpad en indicatoren.

De grote ondernemingen lopen met 83% voorop ten aanzien van actieprogramma’s en omschrijving van tijdspad en indicatoren; middelgrote ondernemingen zitten daar kort achter met 72%, terwijl 38% van de kleine ondernemingen genoemde aspecten heeft beschreven.

Een voorbeeld van een onderneming die beleid heeft ontwikkeld is GrandVision, waarbij concrete acties zijn benoemd. GrandVision gaat in op hun store concept en de productie van lenzen en brillen en in beide gevallen worden meetbare en herkenbare doelstellingen geformuleerd, op afzienbare termijn, hetgeen dit tot een good practice maakt.

Overigens zijn er ook ondernemingen (14%) die niets hebben opgenomen over beleid, het merendeel daarvan betreft kleine ondernemingen in ons onderzoek.

Het onderzoek van Brouwer et al. (2018), dat op het hogere aggregatieniveau van milieu inzicht geeft in de transparantie, laat zien dat 43 ondernemingen in hun bestuursverslag 2017 informatie opnemen over beleid met betrekking tot milieuaspecten, terwijl 40 ondernemingen ook resultaten hebben toegelicht. De totale populatie betrof 43 AEX- en AMX-ondernemingen die de best-practice-bepalingen toepassen van de herziene Corporate Governance Code.

Ons onderzoek laat zien dat als binnen het onderwerp milieu verder wordt ingezoomd op klimaat de transparantie verder verbeterd kan worden.

3.2.2 Doelstellingen

Op operationeel niveau leidt het geformuleerde beleid vaak tot concrete actieplannen en tijdslijnen. In totaal 74% van de ondernemingen heeft informatie opgenomen over klimaatgerelateerde doelstellingen. Het merendeel daarvan (64%) heeft dat gedaan door middel van een concreet actieprogramma, aangevuld met kwantitatieve doelstellingen en een tijdpad, en soms ook een toelichting op de selectie van die doelstellingen. 10% van de ondernemingen heeft zich beperkt tot het uitsluitend formuleren van een actieprogramma, en ruim een kwart van de populatie (26%) heeft niets opgenomen over doelstellingen.

De grote ondernemingen scoren hier erg goed, ze hebben allemaal in elk geval informatie opgenomen over doelstellingen, terwijl 75% dat in uitgebreide vorm heeft gedaan (actieprogramma, tijdpad, toelichting op selectie doelstellingen). Die uitgebreide vorm wordt tevens toegepast door 28% van de middelgrote ondernemingen. Daartegenover staat dat toch nog 20% van die middelgrote ondernemingen niets rapporteert over dit onderwerp, de rest (52%) zit tussen ‘niets rapporteren’ en uitgebreid rapporteren in. Kleine ondernemingen scoren veel lager, 61% besteedt geen aandacht aan klimaatdoelstellingen.

3.2.3 Sustainable Development Goals Verenigde Naties

De Sustainable Development Goals vormen een verzameling van 17 wereldwijde doelstellingen zoals die door de Verenigde Naties zijn vastgesteld in haar vergadering in 2015. De achterliggende gedachte is om daarmee een betere en meer duurzame toekomst te realiseren voor iedereen.

Voor ons onderzoek relevante SDG’s zijn onder meer SDG 13 (Climate action) en SDG 7 (Affordable and clean energy). Van alle onderzochte ondernemingen besteedt 46% geen enkele aandacht aan de SDG’s of neemt uitsluitend een icoontje op (als symbool voor een SDG). Vooral kleine ondernemingen blijven achter.

In totaal 54% van de ondernemingen geeft meer informatie, en legt een koppeling tussen de klimaatdoelstellingen en de SDG’s of geeft uitleg over de impact van SDG’s op de strategie. Ook hier zien we dit vooral bij de grote ondernemingen (84%); in mindere mate bij de middelgrote ondernemingen (56%) en kleine ondernemingen (23%).

Good practice vermelding beleid met benoeming concrete acties. Grand Vision, Annual report 2018, p. 56. https://annualreport.grandvision.com/

It is our ambition to reduce our environmental footprint and improve our energy efficiency. One way of doing it is by deploying a standardized GrandVision store concept. This store design and technical specifications include guidelines for efficient technical installations, such as LED lighting and efficient air conditioning systems, as well as a more optimized store layout, leading to up to average of 15 m2 of floor space reduction per store. Currently, ca. 40% of our worldwide store portfolio follows this concept. While in total, almost 3,000 stores (>40%) are equipped with LED lights. By 2025, all our stores should be equipped with LED lighting.
The CO2 efficiency rate is reduced with 18% from 282 to 231 grams of CO2 per pair of glasses [Red: in 2018, vergeleken met boekjaar 2017]. Our target for 2025 is 205 grams CO2 per spectacle. Water efficiency improved with nearly 10% compared to 2017. In the process of cutting, edging and fitting of a pair of lenses into a frame, GrandVision now uses less than two liters of water. Our 2025 target is to reduce water consumption per spectacle to 1.87, which is a 15% reduction compared to base year 2015.

Sustainable Development Goals en klimaat.

Sustainable Development Goals (omzetbedragen in EUR) Omzet < 1 miljard Omzet > 1 miljard, < 10 miljard Omzet > 10 miljard. Totaal
Aantal % Aantal % Aantal % Aantal %
Wel informatie 4 31% 21 84% 11 92% 36 72%
Alleen icoontje 1 8% 7 28% 1 8% 9 18%
Koppeling met klimaatdoelstelling 2 15% 5 20% 6 51% 13 26%
Uitleg impact SDG op strategie 1 8% 9 36% 4 33% 14 28%
Geen informatie 9 69% 4 16% 1 8% 14 28%
Figuur 4.

Good practice koppeling klimaat , strategie en SDG 13. ASR Nederland BV, Annual Report 2018, p. 75. https://www.asrnl.com/investor-relations/annual-reports

Good practice scenario-analyse. Vopak, Annual report 2018, p. 85. https://www.vopak.com/investors/reports-and-presentations/company-reports.

Physical risks and opportunities
To assess the physical climate-related risks, Vopak has analyzed the potential impact of three IPCC scenarios for 2050 (RCP 2.6, 4.5/6.0, 8.5), which are based on global warming of respectively 2 degrees, 3 degrees and 4.5 degrees Celsius. The sensitivity analysis demonstrated potential acute and chronical impact on our current assets in the following areas by 2050:
Possible damage and business interruptions from storms and hurricanes in the Gulf of Mexico, South China and Southeast Asia
Rising sea levels possibly affecting our operation in Houston (United States) and Jakarta (Indonesia)
Rising sea levels and drought possibly affecting our operation in Sydney (Australia) and Spain
Smog and extreme heat possibly affecting health and operation in Canada and California (United States).

The consequence of these potential developments could be an increase in (preventive and maintenance) investments and an increase in insurance costs for these areas. These concern not only Vopak, but also other actors in concerned port areas.

Een verdergaande analyse naar bedrijfstak (Tabel niet opgenomen) toont dat vooral financiële instellingen, waaronder banken en verzekeraars, aandacht besteden aan de SDG’s (70%). Dit is ruim boven de reeds genoemde 54% voor alle ondernemingen. Een aansprekend voorbeeld van een koppeling tussen klimaat, strategie en SDG 13 is opgenomen in het ‘annual report’ van ASR Nederland NV.

3.2.4 Scenarioanalyse

Scenarioanalyse krijgt met name in de TCFD-aanbevelingen veel aandacht als relevante klimaatinformatie. Slechts een beperkt aantal ondernemingen (20%) neemt een dergelijke analyse op. Grote ondernemingen scoren beter dan middelgrote ondernemingen en die op hun beurt weer beter dan kleine ondernemingen in ons onderzoek.

Aegon geeft in haar Responsible Investment Report inzicht in een algemene scenarioanalyse. De gevolgen van temperatuurstijging variërend van 1,5 graad tot 4 graden Celsius worden beschreven. Het meest gunstige scenario is een beheerste stijging van de temperatuur tot 1,5 graad Celsius, die kan worden gerealiseerd (volgens Aegon) als relevante acties worden ondernomen ten aanzien van CO2-uitstoot met als einddoel ‘net zero emissions’ in 2050. Bij elk scenario worden de verwachte consequenties geschetst voor onder meer de ontwikkeling van het Bruto Nationaal Product (BNP) en de renteontwikkeling in de EU.

Vopak neemt compactere informatie over scenario’s op, maar spitst de informatie wel specifiek toe op de organisatie.

De informatie over scenario’s is nieuw en de diepgang die moet worden gegeven is iets waarover nog veel onduidelijkheid bestaat. Het Corporate Reporting Lab van de European Financial Advisory Group is momenteel bezig met het identificeren van good practices.

3.3 Governance en klimaat

Het onderwerp governance, de inrichting daarvan en de rapportering zijn niet meer weg te denken uit de verslagen van beursgenoteerde ondernemingen. In ons onderzoek hebben we onderzocht in welke mate er verslag wordt gedaan in het bestuursverslag en/of het verslag van de Raad van Commissarissen (RvC) van de governance met betrekking tot klimaat. Is er een korte uitleg opgenomen over hoe de governance is ingericht met betrekking tot klimaatgerelateerde zaken, is er informatie opgenomen rondom de verantwoordelijkheden van degenen belast met governance ten aanzien van klimaat, zijn er uitleg en verantwoordelijkheden opgenomen voor zowel bestuur als toezichthouder of is er geen enkele informatie opgenomen?

Over de governance met betrekking tot klimaatgerelateerde zaken wordt door 66% van de ondernemingen informatie opgenomen. In 12% van de gevallen is alleen een korte uitleg opgenomen, in 34% van de onderneming wordt ook transparantie verschaft over de verantwoordelijkheden ten aanzien van klimaat en daaraan gerelateerde zaken. In 20% wordt daarnaast ook de toezichthoudende rol van de RvC hierin expliciet meegenomen.

Als we een verdere analyse maken naar omzet dan is het opvallend dat als kleinere ondernemingen informatie over governance en klimaat opnemen ze dit meteen uitgebreider doen (46% van de kleinere ondernemingen). Bij middelgrote ondernemingen is dit 16%, grotere ondernemingen rapporteren, zoals verwacht mag worden weer uitgebreider dan kleinere en middelgrote ondernemingen (58%). Hierbij moet wel worden aangetekend dat het juist de middelgrote ondernemingen zijn die ook de rol van hun RvC opnemen.

Er is nog een groot percentage (54%) van de kleinere ondernemingen dat geen informatie opneemt over het governanceaspect van klimaatgerelateerde zaken. Bij middelgrote en grote ondernemingen is dit percentage lager. Het verschil tussen middelgrote en grote ondernemingen is klein (respectievelijk 28% en 25%).

Als we inzoomen op de AEX/AMX-verdeling van de onderzoekspopulatie (Tabel niet opgenomen) dan blijkt dat de AEX-ondernemingen, conform verwachting, beter presteren dan de AMX-ondernemingen. Met name het percentage geen informatie over de governance omtrent klimaat springt eruit. Bij AEX-ondernemingen is dit 20%, bij AMX-ondernemingen aanmerkelijk hoger, 48%.

Good practice governance en klimaat

Het 2018 verslag van BAM is een goed voorbeeld van een duidelijke uiteenzetting van de rol van de Executive en de Supervisory board ten aanzien van CSR. De lezer van het verslag weet op deze manier waar en bij wie de verantwoordelijkheden op dit gebied liggen. Deze invalshoek ontbreekt regelmatig in de andere onderzochte verslagen.

In totaal neemt 42% van de ondernemingen informatie op over klimaat in de remuneratie. 22% van de ondernemingen heeft dit opgenomen als onderdeel van een bredere sustainability-doelstelling als component voor de remuneratie, 10% van de ondernemingen benoemt de klimaatdoelstelling als afzonderlijke component voor de remuneratie en 10% benoemt dit niet alleen expliciet, maar maakt het ook onderdeel van de langetermijndoelstelling. Als we kijken naar verschillen tussen AEX en AMX dan hebben de AMX-ondernemingen, die al wat informatie opnemen, vaker een algemene sustainability-doelstelling als onderdeel van de remuneratie. De AEX-ondernemingen zijn bovendien explicieter over de klimaatdoelstelling en de koppeling met de lange termijn. Als we kijken naar de verdeling van de omzet van de ondernemingen (Tabel niet opgenomen) dan zijn er geen grote andere verschillen te zien.

Governance en klimaat.

Omschrijving (omzetbedragen in EUR) Omzet < 1 miljard Omzet >1 miljard, <10 miljard Omzet >10 miljard Totaal
Aantal % Aantal % Aantal % Aantal %
Governance
Wel informatie 6 46% 18 72% 9 75% 33 66%
Korte uitleg 0 0% 6 24% 0 0% 6 12%
Informatie verantwoordelijkheden 6 46% 4 16% 7 58% 17 34%
Uitleg voor zowel bestuur als RvC 0 0% 8 32% 2 17% 10 20%
Geen informatie 7 54% 7 28% 3 25% 17 34%

Remuneratie en klimaat.

Omschrijving AEX AMX Totaal
Remuneratie Aantal % Aantal % Aantal %
Wel informatie 11 44% 10 40% 21 42%
Klimaat indirect als onderdeel van sustainability in de remuneratie 4 16% 7 28% 11 22%
Klimaat als expliciete doelstelling 3 12% 2 8% 5 10%
Plus onderdeel langetermijndoelstelling 4 16% 1 4% 5 10%
Geen informatie 14 56% 15 60% 29 58%

Het jaarverslag van Unilever is een voorbeeld waarbij uitgebreid informatie wordt gegeven over de wijze waarop de prestaties op het gebied van sustainability, inclusief klimaat, worden berekend om tot een eindscore te komen. Het jaarverslag van Signify geeft bij het onderdeel remuneratie in een Tabel inzicht in welke doelstellingen meegenomen worden in de berekening van de variabele beloning en koppelt daaraan de prestaties van het desbetreffende boekjaar. Als klimaat onderdeel is van de remuneratie wordt dit vaak uitgedrukt in CO2. Zoals ook in paragraaf 3.5 blijkt hanteren ondernemingen voor CO2 een verschillende reikwijdte. Het jaarverslag van DSM laat duidelijk zien welke componenten uit de reikwijdte van de gerapporteerde CO2 informatie worden meegewogen voor de remuneratie. Bovendien is dit onderdeel van de langetermijncomponent van de variabele beloning.

Good practice verantwoordelijkheden CSR. Royal BAM Group NV, Integrated Report 2018, p. 68. https://www.bam.com/en/investor-relations/annual-reports

CSR responsibility and delegation

The Executive Board is responsible for defining the CSR policy, in consultation with the Director Strategy and Director Sustainability and the management of the operating companies.

Meetings with senior management are used to define sustainability issues and reach agreement on prioritising objectives, monitoring activities, and reporting results. Critical concerns are reported to the Executive Board at least in quarterly reports, or whenever more urgency is required. The Executive Board communicates to the Supervisory Board according planned reporting cycles, or whenever more urgency is required. Safety ambitions, the reduction of CO2 emissions, waste management, and enhancing lives, along with business integrity, apply to all BAM operating companies. In addition, each operating company measures KPIs addressing issues of relevance to its own business.

Each operating company has a management team member who has the responsibility for BAM’s sustainability activity. The operating companies report progress quarterly to the Executive Board, Director Strategy and Director Sustainability together with details of actions taken to support the Group’s business objectives. They interpret BAM’s objectives based on their unique operating conditions. CSR is part of how managers and employees do their day-to-day jobs. It is addressed, for example, at regular work discussions and performance reviews. In this way, implementing sustainability is shared across all levels of the Group, from BAM’s Executive Board to its local champions.

Good practice weging CO2-component in variabele belonging. Royal DSM Integrated Annual Report 2018, p. 133. https://annualreport.dsm.com/ar2018/en_US/downloads.html

Greenhouse Gas Emissions (GHGE) Efficiency Improvement
This is the reduction of the amount of greenhouse gas emissions per unit of product. The definition of greenhouse gases (GHG) according to the Kyoto Protocol includes carbon dioxide (CO2), methane, nitrous oxide (N2O), sulfur hexafluoride, hydrofluorocarbons and perfluorocarbons. The scope for calculation of GHGE reduction is as follows:
DSM’s direct emissions (on-site or from DSM assets) mainly comprise CO2 (scope 1)
(II) DSM’s indirect emissions (emissions created on behalf of DSM in the generation of electricity or the delivery of energy via hot water or steam) relate to electricity from the grid. DSM relies on local suppliers (scope 2)

Opvallend is dat 58% van de ondernemingen geen informatie geeft of klimaat op welke wijze dan ook van invloed is op de remuneratie. Dit wil niet zeggen dat de onderneming niet naar andere componenten van langetermijnwaardecreatie kijkt. Uit eerder onderzoek (Brouwer et al. 2018) blijkt dat 84% van de AEX- en AMX-ondernemingen over 2017 informatie opneemt over een bijdrage aan langetermijnwaardecreatie in het beloningsbeleid en 58% dit specifiek doet voor het variabele deel.

3.4 Risicomanagement en klimaat

Voor onder andere beursgenoteerde ondernemingen gelden met ingang van het boekjaar 2015 aanvullende eisen aan de risicoparagraaf in het bestuursverslag. Ondernemingen dienen in de risicoparagraaf onder andere de risicobereidheid met betrekking tot de significante risico’s en onzekerheden te vermelden. Daarnaast rapporteren ze over de getroffen risicobeperkende maatregelen.

Gezien de toenemende aandacht en importantie omtrent klimaat en de impact daarvan op ondernemingen en hun businessmodel bestaat de verwachting dat in de komende jaren de aandacht voor klimaat ook in de risicoparagraaf gaat toenemen. Wij hebben onderzocht of en zo ja welke klimaatrisico’s worden opgenomen in de risicoparagraaf en op welke wijze. Daarnaast hebben we onderzocht of de klimaatrisico’s zijn ingebed in het algehele risicomanagement van de ondernemingen zoals daarover wordt gerapporteerd in het bestuursverslag.

Risicomanagement en klimaat.

AEX AMX Totaal
Risicomanagement Aantal % Aantal % Aantal %
Wel informatie 18 72% 11 44% 29 58%
Korte uitleg 5 20% 6 24% 11 22%
Type risico wordt ook benoemd 3 12% 3 12% 6 12%
Risico’s omvatten de gehele keten 10 40% 2 8% 12 24%
Geen informatie 7 28% 14 56% 21 42%

58% van de 50 onderzochte ondernemingen rapporteert in het bestuursverslag over klimaatgerelateerde risico’s. 22% geeft alleen een korte uitleg/benoemt het risico. 12% geeft aan of het gaat om een klimaatgerelateerd fysiek en/of transitierisico. 24% beschrijft of de genoemde risico’s ook de value chain betreffen.

De verschillen tussen AEX- en AMX-ondernemingen zijn hierbij niet groot, met uitzondering van de benoeming van de value chain. AEX-ondernemingen doen dat in 40% van de verslagen, tegenover 8% van de AMX-ondernemingen. Daarnaast is het verschil groot tussen AEX en AMX ten aanzien van de verslagen die geen informatie over klimaatgerelateerde risico’s opnemen. Van de AEX-ondernemingen neemt 28% geen informatie op omtrent klimaatrisico’s ten opzichte van 56% van de AMX-ondernemingen.

3.4.1 Inbedding van klimaat en risicomanagement raamwerk

De inbedding van klimaatrisico’s in het algehele risicomanagement-raamwerk is na het inzichtelijk maken van de klimaatrisico’s de volgende stap in integratie van risicomanagement en klimaat. Op dit gebied zijn de resultaten nog mager te noemen.

Inbedding van klimaat en risicomanagementraamwerk.

Inbedding in algeheel risicomanagement AEX
AMX
Totaal
Aantal % Aantal % Aantal %
Wel informatie 13 52% 11 44% 24 48%
Risico response wordt benoemd 2 8% 2 8% 4 8%
Financiële consequenties risico’s worden inzichtelijk gemaakt 10 40% 8 32% 18 36%
Korte omschrijving 1 4% 1 4% 2 4%
Geen informatie 12 48% 14 56% 26 52%

52% van de onderzochte ondernemingen neemt hier niets over op in het bestuursverslag. AEX-ondernemingen doen het net iets beter dan AMX-ondernemingen. 52% van de AEX-ondernemingen rapporteert over de inbedding van klimaat in het risicomanagement raamwerk ten opzichte van 44% van de AMX-ondernemingen.

Good practice risicomanagement

De risicomanagementsectie van het Signify 2018 annual report gaat op een duidelijke wijze in op klimaatregelateerde risico’s. Uit de informatie blijkt dat Signify een analyse heeft gemaakt van deze risico’s en daarnaast transparant is over de mogelijke impact daarvan. Met name dit laatste ontbreekt regelmatig in andere verslagen.

Good practice risicomanagement. Signify, Annual Report 2018, p. 61. https://www.signify.com/global/our-company/investors/financial-reports/annual-report

Compliance risks

The company’s global presence exposes it to regional and local regulatory rules, changes to which may affect the realization of business opportunities and investments in the countries in which the company operates.

The company has established subsidiaries in over 70 countries and is subject to compliance with local laws and regulations. These subsidiaries are also exposed to changes in governmental regulations and enforcement and unfavorable political developments. For example, policy actions in response to the Paris Agreement, which looks to constrain the adverse effects of climate change and policy actions that seek to promote adaptation to climate change. Possible implications include the implementation of carbon-pricing mechanisms to reduce GHG emissions, obligatory shifting of energy use toward lower emission sources, and adopting energy-efficiency solutions.

Based on the Task Force on Climate-related Financial Disclosures (TCFD) recommendation and a scenario analysis reflecting several degrees of global warming, Signify found that most direct financial impact from climate change arises from carbon pricing.
Through either cap-and-trade schemes or carbon taxes, carbon pricing is accepted as the policy instrument most likely to be deployed on a global scale. In our analysis, we assumed that additional costs incurred by our suppliers of materials, goods and services would be transferred to us. Considering a 2⁰C scenario and a global price on carbon of EUR 100 per tonne CO2-equivalent, Signify would face increased costs due to impact of energy and transportation systems.

The failure to comply with applicable laws and regulations, including as a result of any such changes, may affect the realization of business opportunities or impair the company’s local investments. In addition, the effects of policy implementations could result in unforeseeable fluctuations in prices of parts, components, and services from our suppliers and could also lead to supply chain interruptions if suppliers are unable to meet the demands of policy regulations implemented.

3.5 Prestaties en impact

In totaal neemt 84% van de ondernemingen informatie over kwantitatieve indicatoren met betrekking tot klimaat op. Dit betreffen CO2-data, maar ook details over energie of brandstofverbruik. 24% van de ondernemingen neemt uitsluitend CO2-informatie op met betrekking tot de eigen operationele activiteiten. In totaal neemt 42% van de ondernemingen informatie op met betrekking tot de gehele keten van hun producten en diensten. 18% gaat nog een stap verder en koppelt deze informatie ook aan financiële indicatoren, zoals de koppeling met het investeren in innovaties die het klimaat ten goede komen of de omzet in ‘groene’ producten of diensten. Dit betreft met name de grote ondernemingen in ons onderzoek. Hoewel tegenwoordig verwacht wordt dat iedere onderneming een bijdrage levert aan het klimaat, neemt 16% van de ondernemingen geen informatie op. Redenerend vanuit het besluit niet-financiële informatie (EC 2014) zou dat alleen kunnen als deze aspecten niet relevant zijn voor de onderneming.

Klimaatindicatoren en toelichting.

Omschrijving (omzetbedragen in EUR) Omzet < 1 miljard Omzet >1 miljard, <10 miljard Omzet >10 miljard Totaal
Aantal % Aantal % Aantal % Aantal %
Klimaatindicatoren
Wel informatie 8 62% 22 88% 25 100% 42 84%
Broeikasgas indicatoren 4 31% 5 20% 3 25% 12 24%
Omvatten ook (deel van) de keten (= scope 3- indirecte uitstoot van CO2) 4 31% 10 40% 7 58% 21 42%
Koppeling met financiële indicatoren 0 0% 7 28% 2 17% 9 18%
Geen informatie 5 38% 3 12% 0 0% 8 16%
Toelichting
Wel informatie 4 31% 13 52% 11 67% 25 50%
Prestaties versus doelstelling 1 8% 3 12% 1 8% 5 10%
Plus toelichting op ontwikkeling prestaties 0 0% 6 24% 3 26% 9 18%
Plus follow up acties 3 23% 4 16% 4 33% 11 22%
Geen informatie 9 69% 12 48% 4 33% 25 50%

Klimaatinnovatie en klimaatimpact.

Omschrijving (omzetbedragen in EUR) Omzet < 1 miljard Omzet >1 miljard, <10 miljard Omzet >10 miljard Totaal
Aantal % Aantal % Aantal % Aantal %
Klimaatinnovatie
Wel informatie 8 62% 20 84% 9 75% 38 76%
Geen informatie 5 38% 5 16% 3 25% 12 24%
Impactinformatie
Wel informatie 5 38% 17 68% 9 75% 31 62%
Beschrijvende informatie 3 23% 5 20% 4 33% 12 24%
Plus kwantificering 2 15% 7 28% 3 25% 12 24%
Plus monetarisering 0 0% 2 8% 1 8% 3 6%
Plus methodologie berekening beschikbaar 0 0% 3 12% 1 8% 4 8%
Geen informatie 8 62% 8 32% 3 25% 19 38%

Als we een verdere analyse uitvoeren naar de hoogte van de omzet dan zien we dat de grotere ondernemingen het meest transparant zijn over de keten (75% ten opzichte van 68%, respectievelijk 31%). De middelgrote ondernemingen in ons onderzoek scoren binnen deze resultaten wel opvallend hoger met de koppeling met de financiële indicatoren (middelgroot 28%, groot 17%).

In totaal licht 50% van de ondernemingen de klimaatprestaties toe. Er zijn ten opzichte van de kleine ondernemingen in ons onderzoek niet alleen meer ondernemingen die een toelichting opnemen, maar bij de grote ondernemingen in ons onderzoek neemt ook de detaillering in type toelichting dat wordt gegeven toe. Eenzelfde trend is te zien als we een vergelijking maken naar de AEX en AMX (Tabel niet opgenomen).

Innovatie speelt een belangrijke rol in het keren van klimaatverandering. Ook hierbij zien we duidelijke verschillen tussen ondernemingen. Als we kijken naar de analyse naar de hoogte van de omzet dan is duidelijk te zien dat de grote ondernemingen het meest transparant zijn.

In totaal geeft 62% van de ondernemingen op enerlei wijze informatie over de klimaatimpact die zij hebben. 24% van de ondernemingen doet dit uitsluitend beschrijvend. 24% voegt daar ook nog een kwantificering aan toe. Hierbij moet gedacht worden aan de CO2 (besparing) bij gebruik van het meer innovatieve product.

Een voorbeeld uit het waardecreatieoverzicht van Signify laat duidelijk het verschil zien tussen de directe output en de bredere impact, inclusief de financiële impact.

De onderzoeksresultaten laten zien dat naarmate we meer detailinformatie zoeken over een bepaald aspect van klimaat, deze informatie schaarser wordt. Soortgelijke resultaten zijn ook te zien in onderzoek onder beursfondsen over 2016 en 2017 (De Waard et al. 2018). Hoewel deze onderzoeksgroep breder is en er naar nog meer detail is onderzocht is de trend vergelijkbaar.

Het is moeilijk een keuze te maken uit de good practices die er intussen zijn op het gebied van rapporteren over de prestaties op korte, middellange en lange termijn.

Vopak is een goed voorbeeld omdat in het verslag gestructureerd top-down wordt gerapporteerd over hun prestaties. Hoewel milieu niet het meest belangrijke thema is volgen zij toch de vaste structuur voor het rapporteren over hun prestaties. Zij beginnen met de uitleg van de materialiteit van klimaat voor Vopak conform hun materialiteitsmatrix, koppelen dit aan de bijbehorende SDG, gaan vervolgens in op het verslaggevingsbeleid met betrekking tot het meten van de indicator, geven dan informatie over de belangrijkste acties om de impact te verkleinen en geven tot slot de prestaties met toelichting op het verloop. Het voorbeeld zou nog verder kunnen worden verbeterd door informatie over de vergelijking met de doelstellingen en de follow up acties om de prestaties te blijven verbeteren.

Figuur 9.

Good practice Output and Impact onderdeel uit het waardecreatie-overzicht van Signify. Signify, Annual Report 2018, p. 16. https://www.signify.com/global/our-company/investors/financial-reports/annual-report

4. Conclusies en slotbeschouwing

In dit onderzoek is gedetailleerd gekeken naar de informatie over klimaat in bestuursverslagen over 2018 en andere jaarstukken waarnaar in het bestuursverslag wordt verwezen. De onderzoekspopulatie bestond uit AEX- en AMX-ondernemingen. Klimaat is al sinds medio jaren ‘90 een onderwerp dat op de agenda staat van verschillende ondernemingen. Opvallend is het dan dat er op geen enkel onderwerp van klimaatinformatie een 100% score is. Dit kan deels komen omdat de relevantie van klimaat verschillend is voor ondernemingen en we pas recent verschuiven naar een perceptie dat iedere onderneming een bijdrage kan leveren aan klimaat. Overall scoren productiebedrijven en financiële instellingen het hoogst op het gebied van transparantie. Waarschijnlijk omdat de druk op deze ondernemingen het grootst is. Opvallend in de resultaten was dat handelsondernemingen, die juist veel impact kunnen hebben op de keten, in de praktijk daar vrijwel niet over rapporteren.

De redelijk ‘traditionele’ onderwerpen van beleid, doelstellingen en indicatoren zijn de onderwerpen waarop de meeste ondernemingen inmiddels transparant zijn. Maar zelfs als we kijken naar prestatie-informatie dan valt op dat deze in het algemeen wel gegeven wordt, maar in de helft van de gevallen niet wordt toegelicht. Voor de lezer is het dan onduidelijk waardoor verbeteringen of verslechteringen worden veroorzaakt. Opvallend is dat de relatief nieuwe onderwerpen als de SDG’s en klimaatinnovatie snel opgepakt zijn door ondernemingen. Van de onderzochte onderwerpen is de informatie over scenarioanalyse het minst aanwezig. Juist dit onderwerp krijgt in de TCFD veel aandacht omdat het investeerders zou helpen toekomstige ontwikkelingen beter te voorspellen bij het nemen van hun beleggingsbeslissingen. De informatie die opgenomen wordt is voor een deel van de ondernemingen nog vrij operationeel. Als we bijvoorbeeld kijken naar de informatie over strategie en de langetermijn impact van ondernemingen dan neemt 32% respectievelijk 38% nog geen informatie op. Het is positief dat de meerderheid al wel deze richting is ingeslagen. Ook de transparantie over remuneratie en klimaat scoort laag met 58% van de ondernemingen dat geen informatie opneemt over de koppeling tussen klimaat en remuneratie. De inbedding van klimaatrisico’s in algemeen risicomanagement ontbreekt ook bij ruim de helft van de ondernemingen.

De hoogte van de omzet lijkt invloed te hebben op de transparantie. Hoe groter de omzet hoe meer de onderneming rapporteert over details met betrekking tot de verschillende onderwerpen over klimaat. Dit vergroot inzichtelijkheid. Het is positief te noemen dat de keuze van good practices soms moeilijk was omdat er veel mooie voorbeelden zijn.

Als we kijken naar mogelijke verbeteringen dan zijn dat:

  • het opnemen van strategische informatie;
  • het beter inzicht geven in hoeverre klimaat werkelijk is ingebed in de strategie, management en remuneratie;
  • het duidelijker inzicht geven in de verslaggevingsgrondslagen voor klimaatinformatie en de toelichting op de ontwikkelingen in de tijd.

Als het bestuursverslag de actuele situatie weerspiegelt dan lijkt dit te impliceren dat ondernemingen vooral aandacht hebben besteed aan strategie, beleid en doelstellingen en prestaties, maar dat de echte inbedding van klimaat in de kernprocessen van de onderneming en het analyseren van prestaties nog achter blijven.

Prof. dr. A.E.M. Kamp-Roelands RA - Nancy is associate partner bij EY en hoogleraar niet-financiële informatie, integrated reporting en assurance aan de Rijksuniversiteit Groningen.

H.C van den Ende AA RB - Hugo is senior director bij PwC en docent externe verslaggeving bij de Erasmus Universiteit.

Drs. M. de Jong RA - Martijn is corporate governance specialist bij EY, lid van de werkgroep jaarverslag/corporate governance van de Raad voor de Jaarverslaggeving en de NBA werkgroep Corporate Governance.

Dankwoord

Met dank aan Sam Kranenburg (RUG) voor de bijdrage aan de analyse van de bestuursverslagen en het maken van de Tabellen, en aan Hannah Weerman (PwC) voor de bijdrage aan de analyse van bestuursverslagen.

Noten

1

Organisaties van openbaar belang zoals beursfondsen, banken en verzekeringsmaatschappijen.

Literatuur

  • Brouwer A, Janssen J, Scheffe J (2018) De nieuwe Corporate Governance Code en vereisten voor niet-financiële informatie. Maandblad Voor Accountancy en Bedrijfseconomie 92(11/12): 345–359. https://doi.org/10.5117/mab.92.30233

Bijlage 1

AEX Omzet AMX Omzet
Aalberts 2. Middelgroot ADYEN NV 1. Klein
ABN AMRO 2. Middelgroot Air France-KLM 2. Middelgroot
Aegon 3. Groot AMG 2. Middelgroot
AholdDelhaize 3. Groot Aperam 3. Groot
Akzo Nobel 2. Middelgroot Arcadis 2. Middelgroot
Altice 3. Groot ASMI 3. Groot
ArcelorMittal 2. Middelgroot BAM 2. Middelgroot
ASML 1. Klein BESI 1. Klein
ASR Nederland 2. Middelgroot Boskalis 2. Middelgroot
DSM 2. Middelgroot Corbion 1. Klein
Galapagos 1. Klein Eurocommercial Prop. 1. Klein
Gemalto 2. Middelgroot Flow Traders 1. Klein
Heineken 3. Groot Fugro 2. Middelgroot
ING 3. Groot GrandVision 2. Middelgroot
KPN 2. Middelgroot IMCD 2. Middelgroot
NN Group 3. Groot Intertrust 1. Klein
Philips 3. Groot OCI 2. Middelgroot
Randstad 3. Groot PostNL 2. Middelgroot
RELX 2. Middelgroot SBM Offshore 2. Middelgroot
Royal Dutch Shell A 3. Groot Sligro 2. Middelgroot
Signify 2. Middelgroot Takeaway.com 1. Klein
Unibail Rodamco Westfield 1. Klein TKH 2. Middelgroot
Unilever Cert. 3. Groot TomTom 1. Klein
Vopak 2. Middelgroot WDP 1. Klein
Wolters Kluwer 2. Middelgroot Wereldhave 1. Klein